Woensdag 6 november 1996

Promotie A.van Teunenbroek

Verhoging hormoondosering verbetert groeieffect jonge meisjes met syndroom van Turner

Verhogingen van de dagelijkse groeihormoondosering van 4 IE (Internationale Eenheid) per m2 lichaamsoppervlakte naar 6 IE na het eerste jaar, en 8 IE na het tweede jaar leiden bij meisjes van 2 tot 11 jaar die lijden aan de groeistoornis die bekend staat als 'het syndroom van Turner', tot een wetenschappelijk aantoonbare verbetering van het groeieffect na 4 jaar. Dat concludeert A. van Teunenbroek in zijn proefschrift 'Groeihormoonbehandelingsmodaliteiten bij meisjes met het syndroom van Turner', waarop hij op woensdag 6 november promoveert aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Nederlandse vrouwen met het syndroom van Turner hebben een gemiddelde volwassen lengte van 1.47 m. Dit is zo'n 20 cm minder dan het gemiddelde van de Nederlandse vrouwelijke bevolking. Dagelijkse onderhuidse toediening van groeihormoon bij hen op de kinderleeftijd geeft een duidelijke versnelling van de groei. De versnelling neemt echter af in de loop van de behandelingsjaren, ook al blijft de groeisnelheid onder behandeling hoger dan bij onbehandelde meisjes met dit syndroom. Van Teunenbroek beschrijft in zijn proefschrift twee Nederlandse studies bij meisjes met het syndroom van Turner.

In de eerste studie - met 68 meisjes variërend van 2 tot 11 jaar - werd gevonden dat verhogingen van de huidige dagelijkse doseringen groeihormoon van 4 IE per m2 lichaamsoppervlakte naar 6 IE na het eerste jaar en 8 IE na het tweede jaar, leiden tot een wetenschappelijk aantoonbare verbetering van het groeieffect na vier jaar. Hierbij werden géén verschillen waargenomen wat betreft de suiker- en vetstofwisseling, de effecten op de hartspier en bijwerkingen in het algemeen.

Tevens kwam naar voren dat - onafhankelijk van de groeihormoondosering - het groeieffect bij start van de behandeling op jongere leeftijd niet beter was dan bij een start van de behandeling op een iets oudere leeftijd. Het uiteindelijke resultaat kan bij 'groei'-studies pas worden beoordeeld wanneer de volwassen lengte is bereikt.

In de tweede studie - met 19 meisjes variërend van 11 tot 17 jaar - werd na twee studiejaren gevonden dat een verdeling van de totale dagelijkse groeihormoondosering van 6 IE per m2 lichaamsoppervlakte in twee injecties (éénderde 's ochtends en tweederde 's avonds) niet resulteerde in een betere groeirespons dan bij éénmaal daagse (avondlijke) injecties.

Naast groeihormoon gebruikten deze 'oudere' meisjes vrouwelijk hormoon in een zeer lage dosering om de puberteitsontwikkeling te bevorderen.

Promotor: prof.dr. S.L.S. Drop, Kinderendocrinologie.
Co-promotor: mw.dr. S.M.P.F. de Muinck Keizer-Schrama.

Dit onderzoek is mede mogelijk gemaakt door financiële steun van Novo Nordisk Farma.

Noot voor de pers:
Promotie, woensdag 6 november, 11.45 uur, Collegezaal 7, Hoboken.
Info: bij de promovendus, tel. 030 - 602 5840 (privé 0297 - 530 913), of bij de afdeling Interne & Externe Betrekkingen, tel. 010 - 408 1777.