Tegen de achtergrond van het denken van Gilles Deleuze over de
positie van de mens in een kantelend filosofisch tijdperk zal in
dit college bijzondere aandacht worden besteed aan de geschriften
die hij (deels in samenwerking met Félix Guattari) wijdde aan de
literatuur. In zijn werk zijn verwijzingen naar literaire figuren
en auteurs voortdurend aanwezig. Zij brengen tot uitdrukking wat
de filosofie nog maar tastend kan vermoeden en kenmerken zich
daarmee als een geheel eigen weg tot wijsgerige bezinning. Lewis
Carroll, maar ook Faulkner en Melville fungeren in zijn grote
werken als literaire gidsen op een weg die de wijsbegeerte nog
niet gebaand heeft.
Dit college zal zowel aandacht besteden aan "algemene"
wijsgerige teksten van Deleuze (en Guattari), zoals Qu'est-ce
que la philosophie? en Logique du sens, als aan
Deleuze's specifieke studies over literaire auteurs zoals Kafka,
Proust, Beckett en Klossowski. Daarbij zullen ook teksten van
deze auteurs waarop Deleuze zich betrekt in het college aandacht
krijgen. De teksten zullen in het college in beginsel in de
oorspronkelijke taal worden gelezen, maar studenten zijn vrij
gebruik te maken van eventuele bestaande vertalingen.
Doel van de cursus:
inzicht krijgen in het denken van Deleuze, vooral met betrekking tot
diens antropologie; reflectie op de verhouding tussen een wijsgerige
en een literaire verwerking van antropologische problemen.